Door Kyra Hamilton, Griffith University, Australië en Amy Peden, Universiteit van New South Wales, Australië
Verdrinking is een belangrijke, maar grotendeels te voorkomen, oorzaak van overlijden en verwondingen die nog steeds onvoldoende wordt erkend. Een veel voorkomende mythe: verdrinking is niet altijd fataal. De definitie van verdrinking werd herzien om duidelijk te maken dat verdrinking een proces is, geen resultaat. Het resultaat van het verdrinkingsproces kan de dood zijn (fatale verdrinking) of overleven met of zonder blijvend letsel zoals hersenverlamming en andere neurologische aandoeningen veroorzaakt door een gebrek aan zuurstof naar de hersenen (niet-fatale verdrinking). Termen als “verdrinken op het droge”, “Secundaire verdrinking” of “bijna-verdrinking” worden vaak gebruikt in de media, maar ze zijn verouderd en medisch onjuist, dus het is tijd om ze niet meer te gebruiken.
Wie verdrinkt er en waar verdrinken ze?
Wereldwijd schat de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) dat in 2021 300.000 mensen door verdrinking om het leven zijn gekomen – dat zijn meer dan 30 mensen per uur. Dit cijfer is echter exclusief verdrinkingsdoden als gevolg van overstromingen en incidenten met watertransport, zoals kapseizen van boten en zinken van veerboten. In landen met een hoog inkomen, zoals Australië, stijgt het aantal verdrinkingen met 40% als deze gebeurtenissen worden meegerekend; in landen met een laag of gemiddeld inkomen is de stijging waarschijnlijk nog hoger.
Volgens het eerste Global Status Report on Drowning Prevention van de WHO zijn kinderen jonger dan vijf jaar verantwoordelijk voor 24% van alle verdrinkingen wereldwijd, en nog eens 19% bij kinderen van 5 – 14 jaar. Het aantal verdrinkingen is drie keer zo hoog in landen met lage en middeninkomens, waar 92% van alle verdrinkingsdoden valt. Het aantal dodelijke verdrinkingen onder mannen is twee keer zo groot als onder vrouwen. Voor jonge kinderen zijn de grootste risicogebieden zwembaden en waterbronnen rondom het huis, terwijl volwassenen meer risico lopen in natuurlijke wateren zoals rivieren, meren, dammen, stranden en oceanen.
Wat bepaalt het risico en wat werkt om verdrinkingen te voorkomen?
Naast leeftijd, geslacht en locatie zijn er nog verschillende andere factoren die het risico op verdrinking vergroten. Hieronder vallen bijvoorbeeld individuele vaardigheden zoals zwemvaardigheid gedragingen zoals het betreden van overstromend water, alcoholgebruik – en onderliggende medische aandoeningen die de kwetsbaarheid kunnen vergroten.
Andere factoren hebben betrekking op het water zelf: of kinderen onder toezicht staan en of er barrières zijn om onbedoeld toetreden te voorkomen; inschatting van en vertrouwen in de omgang met de inherente gevaren van natuurlijke wateren; bewustzijn van stromingen, sterke stromingen en onderwater gevaren zoals haken in rivieren; en of mensen ervoor kiezen om te zwemmen op locaties die onder toezicht staan, zoals zwembaden met toezicht of stranden met toezicht.
Veel andere factoren beïnvloeden het risico op verdrinking, maar gelukkig bestaan er op bewijs gebaseerde preventiestrategieën. In Australië bijvoorbeeld heeft de wetgeving voor het afschermen van zwembaden, in combinatie met voorlichting en handhaving, het aantal dodelijke verdrinkingen van kinderen in zwembaden met meer dan 50% verminderd. Op vergelijkbare wijze zijn overlevingszwemprogramma’s voor schoolgaande kinderen in Bangladesh kosteneffectief gebleken, waardoor het aantal verdrinkingsdoden onder kinderen drastisch is gedaald.
Wetten die veilige praktijken op boten en schepen voorschrijven, zoals het dragen van zwemvesten, helpen het risico op verdrinking te verminderen tijdens het reizen over water. Tegelijkertijd helpt doorlopend onderzoek naar verdrinking, waaronder het bijhouden en bestuderen van verdrinkingsregisters, ons meer te weten te komen over het probleem en betere manieren te vinden om verdrinking te voorkomen.
Strategieën op systeemniveau (“s-frame”), zoals wet- en regelgeving zoals hierboven is genoemd, kunnen bijdragen aan veiliger gedrag voor hele bevolkingsgroepen. Wanneer deze echter worden gecombineerd met interventie op individueel niveau (“I-frame”), zoals voorlichting, sociale goedkeuring en vaardigheidstraining, kan de totale impact op het voorkomen van verdrinking nog groter zijn.
Onderzoek toont aan dat hoe mensen denken en zich voelen een grote rol speelt bij hun gezondheidsacties, ook als het gaat om veilig rondom het water te verblijven. Bijvoorbeeld ervaringen uit het verleden, overtuigingen over de voor- en nadelen van veiligheidsgedrag en vertrouwen in het vermogen om te handelen, vooruit plannen en percepties van risico’s, sociale druk en rollen waarin mensen zichzelf zien, hebben allemaal invloed op of iemand stappen onderneemt om verdrinking te voorkomen.
Alleen kennis over waterveiligheid is niet genoeg om gedrag op de lange termijn te veranderen. Daarom moeten verdrinkingspreventieprogramma’s gebruik maken van bewezen psychologische strategieën om echt een verschil te maken. In plaats van alleen te waarschuwen voor de gevaren, moeten ze zich richten op de positieve voordelen van veilig blijven, zoals veilig plezier hebben. Ze moeten ook laten zien dat waterveiligheid een normaal onderdeel van het leven is door vrienden en familie erbij te betrekken. Het opbouwen van vertrouwen, het beperken van de toegang tot risicovolle plaatsen en het aanmoedigen van mensen om plannen te maken en hun veiligheidsgewoonten bij te houden ondersteunen allemaal een blijvende verandering.
Wat kunnen we doen om het risico op verdrinking in de toekomst te verminderen?
Wereldwijd is het aantal dodelijke verdrinkingen sinds 2000 met 38% gedaald – wat een belangrijke prestatie is. Maar de vooruitgang is niet overal even groot. Sommige regio’s, vooral die met minder middelen, staan nog steeds voor grote uitdagingen, waaronder toenemende risico’s door klimaatverandering en zee migratie. Om vooruitgang te blijven boeken, hebben we praktische oplossingen nodig die zowel individuele oplossingen (zoals het veranderen van de houding ten opzichte van waterveiligheid) als brede systeemveranderingen (zoals betere infrastructuur en beleid) combineren. Bij deze inspanning kunnen verschillende belanghebbenden betrokken worden, zoals regeringen, gemeenschappen, Ngo’s en individuen, die een zinvolle bijdrage kunnen leveren aan het voorkomen van verdrinkingen op zowel individueel als systeemniveau.
Praktische aanbevelingen
- Pleiten voor strengere wetten, voorlichting en handhaving om verdrinking te voorkomen. Dit omvat maatregelen zoals wetgeving voor het afschermen van zwembaden, veiligheidsnormen en etiketten voor verplaatsbare zwembaden en alcoholvrije zones op risicolocaties zoals stranden en rivieren. Het betekent ook dat we ervoor moeten pleiten dat waterveiligheid deel uitmaakt van een groter systeem, zoals zwemlessen op scholen en veiligheid bij overstromingen in de rijbewijsprogramma’s.
- Waterveiligheid promoten door te focussen op hoe mensen erover denken en voelen. Dit omvat het aanmoedigen van een positieve houding, zoals het begrijpen van de voordelen van het dragen van zwemvesten of het letten op kinderen in de buurt van water. Het betekent ook dat we mensen moeten ondersteunen het vertrouwen te krijgen in hun vermogen om veilig te blijven, zoals vermijden door overstromingen te rijden, reddingsvesten te dragen tijdens het varen en alcohol in de buurt van water te beperken.
- Vooruitplannen voor wateractiviteiten. Dit betekent dat mensen moeten nadenken over veiligheidsstappen – zoals het inpakken van zwemvesten of het kiezen van een veilige route naar huis tijdens overstromingen – voordat ze erop uit trekken. Voorbereid zijn helpt verdrinking te voorkomen en houdt iedereen veiliger.
- Waterveiligheid tot een normaal onderdeel van het dagelijks leven maken, zoals het dragen van reddingsvesten, goed op kinderen letten en het vermijden van alcohol in de buurt van water. Wanneer dit gedrag normaal is en ondersteund wordt door vrienden en familie, zullen meer mensen zich eraan houden, waardoor iedereen veilig blijft.
- Erken de Wereld Verdrinkingspreventiedag op 25 juli. Sta stil bij levens die verloren zijn gegaan door te voorkomen verdrinking en denk na over hoe we wateractiviteiten veiliger kunnen maken. Zet je in om iemand aan te moedigen om te leren zwemmen, neem zelf zwemlessen, maak mensen bewust van het belang van verdrinkingspreventie of geniet gewoon van het water en toon andere veilig gedrag.
Vertaald door: Isabelle Maussen en Denise van Rijen


